VAN DIJCK Karolien MSc
Karolien VAN DIJCK studeerde scheikunde aan de KHK waar zij in 2000 met grote onderscheiding afstudeerde. In het najaar van 2001 vertrok zij naar Glasgow Schotland naar de ‘University of Strathclyde’. Daar behaalde ze het diploma van Master of Science in Forensic Science.
Het hoe en waarom achter haar keuze werd mooi omschreven in een artikel door HEUVELMANS Jan (PagiA Nieuwsgaring):
In haar laatste jaar Scheikunde aan de Industriële Hogeschool te Geel moest Karolien een stageplaats zoeken. “Het instituut bood de klassieke plaatsen aan, maar ik wilde toch graag iets anders. Met vragen misdoe je niets en jawel hoor, het Laboratorium voor technische en wetenschappelijke politie te Brussel had een stageplaats voor mij. Ik heb daar de kans gekregen te proeven van het echte gerechtelijke politiewerk.”
Karolien moest er een bestaand reagens, dat gebruikt wordt om weggewassen bloedsporen zichtbaar te maken, verder ontwikkelen en optimaliseren. “Voor de kenners: het fluoresceïne reagens, dat bloedsporen moet zichtbaar maken. Voor beide partijen was de stage een succes. De leidend officier van het lab, commissaris Volckeryk, was zeer tevreden. Hij vond het jammer dat hij mij geen job kon aanbieden. Politiehervorming of niet, de structuur laat zoiets nu eenmaal niet toe."
Karolien had van de forensische wereld geproefd. Het was haar bijzonder goed bevallen en ze wilde meer. “Ik verzamelde alle documentatie en stuurde mijn kandidatuur naar ‘The Forensic Science Department of the Universtiy of Strathclyde’ in Glasgow, Schotland. Er waren maar 35-tal plaatsen voor meer dan 500 kandidaten. Strathclyde is dan ook een vaste waarde in de forensische wereld. De kandidaten komen uit het ganse Commonwealth, de USA, Scandinavië… . Ik was de eerste en enige Belg. In april 2001 kwam het verlossende antwoord, ik was welkom. Ik zei mijn job als R&D technicus bij Umicore op en eind september 2001 vertrok ik naar Glasgow”.
Een vol jaar volgde de forensic scientist in spe een heel intensieve opleiding om het begeerde Mastertitel te behalen. “Ik heb van Glasgow vrijwel niks gezien. Alle werkdagen was er les van negen tot vijf, soms tot tien uur. Het eerste semester kregen we met de hele groep de algemene beginselen bijgebracht van het forensische onderzoek. De analyse van haren, vezels, glas, lichaamsvochten, documentenonderzoek, voet- en vingersporen werden grondig bestudeerd. We werden gedrild om court reports te schrijven in een voor een leek (lees jurist) verstaanbare taal. Het belang van het behoud van de chain of custody werd er in gehamerd. Zoals ik bij de studie van enkele deskundige verslagen mocht ondervinden, gebeurt dit jammer genoeg zeker niet voldoende in de Belgische praktijk."
Na de algemene opleiding krijgen de postgraduandi elk een crime scene toegewezen waar ze sporen mochten gaan verzamelen en nadien analyseren. En op het einde van de oefening moesten ze een rapport schrijven voor de rechtbank. “Dit dossier moesten we dan gaan verdedigen in the High Supreme Court in Glasgow voor een echte High Supreme Court Judge, die zijn medewerking verleent aan de universiteit. Ook de studenten Rechten van de universiteit kregen als advocaat in opleiding een zaak toegewezen. Wij moesten allemaal als deskundige gaan getuigen en werden door de juristen onderworpen aan een kruisverhoor. Ook door de rechter werden wij over de uitgevoerde analyses en het geschreven rapport aan de tand gevoeld.
In het tweede semester koos Karolien voor de optie forensische scheikunde. Drugs, brand, explosieven, enz. En na de examens volgde nog de thesis en een stage in een operationeel forensisch laboratorium. Dat kon Karolien in België. “Het is toen dat ik op de afdeling textiel van het NICC in Brussel terecht kwam. “Het bepalen van het discriminerend vermogen van de sequentie van de gebruikte technieken bij vezelonderzoek” was de opdracht voor mijn thesis. Ook hier was het instituut zeer tevreden, want de besluiten van mijn studie gaven aanleiding tot een behoorlijke besparing in de expertisekosten.